Monest.NET | De Standaard - Prijs moet rollen

De Standaard - Prijs moet rollen

Oorspronkelijk artikel: http://www.standaard.be/cnt/DMF20130522_00592522
Datum: 22/05/2013

In de fysica onderscheidt men voor een zuivere stof ondermeer de aggregatietoestanden vast, vloeibaar en gas(vormig). De overgang van vloeibaar naar vast noemt men stollen of bevriezen terwijl de overgang van vloeibaar naar gasvorm dan weer verdampen heet. Het vloeibaar worden van wat vast is, wordt bestempeld als smelten. Met geld heeft dit weinig te maken, niets eigenlijk. Maar toch zit er een zekere analogie in het taalgebruik errond. We lezen dat geld verdampt is of in rook is opgegaan, dat geld vast zit of dat een markt bevriest, Dat geld moet rollen doet dan weer ergens denken aan een vloeibaar of lopend karakter. Net zoals wanneer we stellen dat financiële markten overdrijven.

Tot hier kun je wat ik schrijf beschouwen als hersenacrobatiek zonder enige wetenschappelijke pretentie. Maar in essentie is liquiditeit een van de hoofdzaken waar de aandacht naar uit moet gaan van investeerders, beleggers of traders, hoe ze zichzelf ook willen noemen.

Prijs ≠ waarde

Iets is waard wat de gek er voor geeft, stelt een volkswijsheid. Maar dan toch niet zonder een vleugje waarheid. Nemen we even het voorbeeld van vastgoed. Een vermogensklasse met zeer weinig liquiditeit. “De waarde van het onroerend vermogen van de Belgische gezinnen is op tien jaar tijd meer dan verdubbeld”, blokletterden de media onlangs nog. De brave zielen achter dit artikel bedoelen natuurlijk de prijs.

Prijs is wat je geeft, waarde is wat je (hopelijk) krijgt. Prijs is objectief, waarde subjectief. Een transactie vindt plaats wanneer twee partijen het eens zijn over de huidige prijs en waarde, maar oneens over de toekomstige. Wat vlotjes de prijs wordt genoemd is steeds geschiedenis. Het is de prijs van de laatste transactie, zonder enige garantie voor (ver)kopers in spe op een volgende noch op de prijs aan dewelke die dan zou doorgaan.

Dit is net waar liquiditeit een enorme rol speelt. Toeschouwers die willen handelen kaderen immers hun subjectieve waarde binnen de recente prijzen als ‘richtlijn’. Liquiditeit framed (i.e. Omkadert) prijs. We zijn als soort goed in vergelijken maar laat ons alstublieft geen absolute waarde kleven op iets.

Even een theoretische oefening. Stellen we even dat iedereen een huis heeft en bijgevolg niemand huurt. Niemand zoekt dan ook een huis als investering want dat krijgt hij toch niet verhuurd. Geen handel in vastgoed meer. Is de waarde van een huis dan nul? Wellicht niet, maar het wordt immens moeilijk te bepalen want we hebben ook geen historische prijzen.

Opgepast voor trends

Liquiditeit of liever het gebrek daar aan is wellicht het meest onderschatte risico op de beurs. Een beursfabeltje illustreert het grappig als volgt.

Een beleggingsadviseur raadt een klant een aandeel aan. De klant gaat prompt tot een aankoop over en ziet de prijs van wat hij net kocht stijgen. Daarop neemt hij de telefoon en vraagt de adviseur nog meer van dat aandeel voor hem te kopen. Bij het dichtleggen ziet hij dat opnieuw zijn aandelen in waarde, ik bedoel prijs, zijn gestegen. Dit gaat zo een tijdje verder. Klant koopt, prijs stijgt. Uiteindelijk zit de klant op een obsceen bedrag aan, weliswaar virtuele, winst en geeft, ietwat zenuwachtig geworden, zijn adviseur de opdracht alles te verkopen, waarop die kalm de vraag stelt “Aan wie?”.

Dit was een verhaaltje. Maar ik heb met lede ogen de werkelijkheid mogen zien toen een goeie vriend van mij een vermogen had opgebouwd in een aandeel op de Brusselse beurs. Hij investeerde in het bedrijf voor het naar de beurs ging. Honderdduizend aandelen had hij. Het aandeel vertienvoudigde. Het gevaar kwam uit de liquiditeitshoek, want ik heb hem nooit kunnen overtuigen van de grootteorde van zijn probleem, wetende dat op de beursvloer op goeie dagen met moeite vijftigduizend aandelen van zijn lievelingsbedrijf werden verhandeld. Dat betekent dat hij twee dagen alle kopers voor zichzelf nodig had om zijn positie te liquideren. En dat als er al kopers zouden zijn. Hij zat als een rat in de val maar heeft het aan den lijve moeten ondervinden als het aandeel begon te kelderen.

Op een markt heb je vragers en bieders die aantallen en prijzen afficheren. Transacties, en dus handel, heb je pas als vragers en bieders elkaar tegemoet komen wat aantallen en prijs betreft. Elke transactie kun je dus ook een beetje zien als een toegift van een vrager die zijn prijs verlaagde of een bieder die zijn prijs verhoogde. Als de hoogste bieder voor aandeel XYZ slechts 10 biedt, terwijl de laagste vrager 11 eist, dan is er geen handel tenzij een van hen aan de ander z’n prijs tegemoet komt.

Op het moment dat vragers veel dunner gezaaid zijn kan moeilijker worden verkocht. Bieders zullen hun prijs meer moeten verhogen om een vrager te kunnen overhalen. Dit laat een spoor na van stijgende prijzen. Omgekeerd als er meer vragers zijn dan bieders, zullen het de vragers zijn die tegen elkaar moeten afbieden voor de schaarse kopers, wat prijzen zal doen dalen.

Elke trend is dus een gevolg van een (tijdelijk) liquiditeitsprobleem. Volatiliteit is dus verbonden met liquiditeit. Hoe meer liquide een markt hoe lager de volatiliteit. Dit kan zeer misleidend zijn voor onervaren (en soms zelfs doorgewinterde) beleggers. Het is niet omdat iets veel stijgt dat het een goede plaats is om geld te investeren. De stijging kan het gevolg zijn van grote illiquiditeit en het aandeel bijgevolg het financiële equivalent van een vliegenvanger. Je kunt er in maar niet meer uit. Althans niet zonder financiële kleerscheuren.

Vertrouwen

Liquiditeit gaat dus hand in hand met vertrouwen. Als het vertrouwen verdwijnt dan daalt de liquiditeit. Iedereen is immers bang voor een verkeerde prijs want niemand kent nog de waarde. Geen transacties meer. Geen prijzen meer ter vergelijking. De markt ‘bevriest’.

Geld is een opslagmedium voor waarde. Tegenwoordig is het meeste geld niets meer dan bits in computers en heeft het een louter giraal (virtueel) karakter. Er is veel meer giraal (virtueel) geld in omloop dan chartaal geld (cash). Dat is geen probleem zolang iedereen het systeem vertrouwt en niet iedereen terzelfdertijd zijn geld opvraagt in cash. In feit zijn rekeningen niet veel meer dan gedigitaliseerde kerfstokken. Om het met de woorden van Prof. Dr. Koen Schoors te stellen: het banksysteem is efficiënt maar inherent fragiel.

Ook het mark-to-market-idee in boekhouding (GAAP IFRS, FAS) is een gezond principe. Tot iedereen aan de waarde van iets gaat twijfelen of niemand zelfs nog een flauw idee heeft wat iets waard is. In een steeds dichter geconnecteerde wereld is dit niet zonder gevaren, zoals op de interbancaire markt duidelijk werd in 2008. Er is niet een aanduidbare reden voor de financiële crisis. Dit was eerder een perfecte storm waar verschillende elementen en brandversnellers elkaar ontmoetten.

Teveel van het goede

Liquiditeit is dus goed en zorgt voor minder volatiele prijzen. Merkwaardig genoeg heeft de toegenomen liquiditeit op de beurzen in de laatste decennia opnieuw voor volatiliteit gezorgd doordat steeds meer mensen gemiddeld een steeds kortere beleggingstermijn hanteren. Te weinig liquiditeit mag dan een gevaar zijn, te veel liquiditeit kan dat ook zijn en in extremis net zo goed het vertrouwen ondermijnen. Denk maar aan inflatie en het fiduciair karakter van geld. Liquiditeit trekt steeds meer speculanten aan. Op de beurs heb je twee actoren, degene die er risico distribueren (en voor zichzelf wegwerken) en degene die het voor hen verzekeren en dus risico afnemen. Te veel van eender welke soort is niet goed. Daar moeten overheden eens aan denken als ze shorten op crisismomenten weer eens verbieden maar kopen nooit in vraag stellen als alles op rolletjes loopt en de sky the limit lijkt.

Samengevat

Mijd als belegger illiquide aandelen ten allen tijde en onthou dat iets wat snel stijgt niet a priori een goede zaak is om in belegd te zijn. Vergelijk de grootte van je posities met het gemiddeld dagelijks verhandeld volume. Als dit ook maar in de buurt van 1% komt zit je niet op de juiste plaats met je geld.

Voor de persmensen die meelezen: geld gaat nooit in rook op of gaat nooit verloren. Het zit gewoon in andere zakken. Wat ik vandaag koop voor 100 en morgen aan de straatstenen niet meer kwijt raak voor 1, werd betaald aan iemand die mijn 100 nu op zak heeft. Het zelfde kan gezegd worden van geld dat zogenaamd verbrast wordt. Het verandert nog steeds gewoon van eigenaar. Geld zoekt eenvoudigweg de beste meester.

Tot slot hebben temperatuur en druk misschien ook in de financiële wereld een invloed op de aggregatietoestand van geld.

Meer van dit kun je vinden op monest.net . Denk er aan: er bestaan geen slechte tijden op de beurs. Enkel een slechte voorbereiding.

De auteur heeft bijna 20 jaar ervaring in beleggen en geeft statistiek aan de Hogeschool West Vlaanderen. Hij is mee oprichter van monest.net en chartmill.com . Beiden hebben tot doel mensen te helpen en te leren beleggen. Alle vragen zijn er tevens welkom op het forum.

Laatste aanpassing: 22/05/2013