Monest.NET | De Standaard - Overleven op de beurs

De Standaard - Overleven op de beurs

Wie op lange termijn kijkt, ziet dat de beursindexen over elke crisis raken. Maar zijn die indexen wel een goede graadmeter voor de doorsnee belegger? Dirk Vandycke van Monest maakt een aantal kanttekeningen.

Niemand zal wellicht nog twijfelen aan het feit dat roken de gezondheid schaadt. Maar is dat ook zo? We hebben ondertussen wel een duidelijk antwoord op die vraag, maar de manier waarop we die hebben bekomen was alles behalve eenvoudig.

De wetenschappelijk methode stelt dat je een hypothese kunt testen via een gecontroleerd experiment waarin de factor die je onderzoekt de enige variabele is tussen de experimentele groep en een controlegroep. Simpel gesteld tel je het aantal longkankers bij een groep mensen die hebben gerookt en een groep die dat niet hebben gedaan. Ethisch gezien kun je mensen natuurlijk niet aan dat soort experimenten blootstellen (en voor hen willekeurig beslissen wie zal roken en wie niet).

Het aantal kankergevallen tellen dan maar van een groep mensen die de voorbije veertig jaar hebben gerookt en een even grote groep die hun longen hebben gespaard en we hebben ons resultaat, juist? Zo eenvoudig is het echter niet. Vooreerst kan roken gecorreleerd zijn (dat is samengaan) met andere ongezonde levensgewoontes. Stel dat rokers ook veel minder beweging hebben en meer alcohol drinken om maar iets te zeggen, dan hoeft het besluit niet a priori te zin dat het roken de longkanker heeft veroorzaakt. Correlatie impliceert geen causaliteit. Zo heb je het voorbeeld waarbij in een studie het aantal kinderen dat werd geboren in een bepaald gebied gecorreleerd bleek aan het aantal ooievaars dat daar voorkwam. Of het voorbeeld waar meer bidden na een operatie invers gecorreleerd kond worden aan de kans op complicaties ten gevolge van die operaties.

Het woordje ‘enige’ in de tweede paragraaf van deze tekst zorgt dus voor nogal wat problemen in de statistiek. Dit kan deels gecounterd worden door groepen willekeurig samen te stellen. Randomized testing (of A-B testing) heet dat dan. De willekeurige maar variabele zaken komen dan immers in beide groepen relatief evenveel voor (als de groepen ten minste groot genoeg zijn).

Maar er is meer. Een dergelijke studie zou immers bovendien moeten rekening houden met alle mensen die al overleden zijn in de voorbije veertig jaar. Meer bepaald is het relevant hoeveel mensen ondertussen reeds aan longkanker of aan andere medische natuurlijke oorzaken zijn bezweken. Kijken wie longkanker heeft is dus absoluut onvoldoende. De groepssamenstelling zou dus willekeurig moeten gebeuren over alle mensen die veertig jaar geleden nog leefden.

Gebeurt dit niet, dan krijg je een vertekend beeld. Als roken immers longkanker veroorzaakt en dat gebeurt al vrij veel in een kleinere tijdspanne dan veertig jaar, dan heb je dat heel wat gevallen ondertussen al zouden zijn verdwenen uit de willekeurig te kiezen overlevenden. Er zouden met andere woorden te weinig gevallen geteld worden waar roken samen met een overlijden voorkwam. Net die overlevenden zouden dan de oorzakelijkheid kunnen bewijzen terwijl ze in feite dan en daar enkel de statistische significantie onderuit halen. In de wetenschap spreekt men van …

Survivorship bias

Op de beurs hebben we dit effect ook. Neem het voorbeelden van indexen. Wat gebeurt er met de BEL20 op het moment dat een van de onderliggende aandelen failliet gaat (de economische equivalentie van sterven). Dan wordt het doodleuk vervangen door een nieuw! Er is bij mijn weten zelfs geen verrekening van dit feit en zelfs als zoiets zou gebeuren, dan kan dit onmogelijk rekening houden met alle tijdspannes waarover men in de toekomst statistieken wil trekken.

Concreet nemen we indexen als voorbeeld om de illusie kracht bij te zetten dat op lange termijn aandelen de beste belegging zijn en dat aandelen over lange termijn enkel maar stijgen. Voorbeelden genoeg waar een auteur of journalist dalende markten relativeren op een lange termijn grafiek. Wie kocht net voor de grote depressie en aandelen vasthield er doorheen, was veertig jaar later nog steeds veel beter af. Maar hoeveel mensen hadden aandelen van bedrijven die toen op de fles gingen?

Vertel dit even aan iemand die z’n ganse hebben en houden in rook zag opgaan samen met Fortis. Geen zorg, aandelen zijn de beste belegging. En Fortis is een goede-huisvader-aandeel. Excuseer was. Niet alleen verdwijnen aandelen uit een index ten gevolge van faillissementen, soms worden indexen gewoon herschikt.

Tot slot is er nog de vaststelling dat indexen doorgaans gewogen zijn. Een groot bedrijf, dat is er dan een met een grote marktkapitalisatie (de koers vermenigvuldigd met het aantal uitstaande aandelen), krijgt meer gewicht in de index dan een klein bedrijf. Net als zou in een democratie een rijke mens meer stemrechten hebben dan een arme. Dit kan voordelen hebben voor de beweeglijkheid van zo’n index maar heeft zeer zeker ook zijn nadelen als je indexen gaat beschouwen als een zwarte doos waar de aandelen die er deel van uit maken geen rol spelen.

Een hypothetische oefening maakt dit verder duidelijk als men zou beleggen in een index waarvan na verloop van tijd alle aandelen zijn vervangen. De indexbelegger overleeft, de individuele aandelenbeleggers helaas niet.

Overleven

Merkwaardig genoeg heeft het overleven op de beurs ook nog eens een duaal karakter. Het gaat er niet alleen om goed te investeren en onderweg ongevallen te vermijden terwijl samengestelde interest zijn werk doet. Ook onze beleggingshorizon is eindig. Ieder van ons zal ooit zijn laatste aandeel kopen. Elk van ons heeft om het zo te zeggen een zeker beleggingswaarde te goed in geld maar ook in tijd. Hoeveel mensen waren drie jaar jaar na de grote depressie ook beter af door hun aandelen te hebben gehouden? En vijf jaar of tien jaar?

John Maynard Keynes is gekend als een groot econoom maar was daarnaast ook een trader. Van hem komt dan ook de boutade dat we op lange termijn allemaal dood zijn.
Daarom is het zaaks het kopen en het lang bijhouden van goede aandelen, het zogenaamde kopen en houden, niet te laten ontaarden in kopen, houden en hopen (dat het goed komt).

Ook dient een intern alarmbelletje te rinkelen als men met zaken als ‘beleggingshorizon’ en ‘beleggersprofiel’ komt aandraven om je als koper binnen te halen.

Denk er aan: er bestaan geen slechte tijden op de beurs. Enkel een slechte voorbereiding.

Laatste aanpassing: 04/10/2013