Welkom beste belegger!
Log in / Registreer een nieuw account

The Art of Contrarian Trading


Nu Bestellen:

Contrair beleggen kun je vergelijken met het van de kust naar het binnenland rijden aan het begin van een zonovergoten verlengd weekend. Terwijl iedereen in de file staat aan te schuiven op de rijvakken naar de kust heb jij een ganse autostrade voor jou alleen.
Carl Futia pende zijn ideeën over het topic neer om z’n overtuiging in deze aanpak kracht bij te zetten in wat volgens zijn eigen zeggen het enige volledige boek is over deze materie.

Het boek begint met een uitgesponnen betoog over het ‘no-free-lunch’ principe(*) en hoe dit ons wel tot het gewaagde besluit moet leiden dat de markt niet kan verslagen worden op een systematische manier. Of kortweg: als er een systematische manier bestaat om consistent beter dan de markt te presteren, dan zul je er niet over lezen in een boek. Elke poging om te timen zal volgens de auteur enkel de portefeuille volatieler maken zonder de gemiddelde return omhoog te helpen.
Superieur advies en beheer is om diezelfde reden ondenkbaar.

Tegendraads beleggen (als we contrarian trading/thinking willen vertalen), is daar niet aan onderhevig en bijgevolg de enige manier om op lange termijn beter te presteren dan een buy and hold strategie. Er bestaat volgens de auteur immers geen mogelijkheid om systematisch en objectief de inschatting te maken wanneer een over- of onderwaardering zal ophouden te bestaan. Dit is de beste waarborg voor het discretionair karakter van de opportuniteiten die er, steeds opnieuw, mee gepaard zullen gaan.

Vervolgens zoomt de auteur in op de oorzaak van over- en onderwaarderingen die veel groter en frequenter zijn dan willekeurig gedrag zou doen vermoeden: groepsgedrag. Investment crowds komen tot stand door een informatiecascade, net na een terugkeer naar een faire waardering. Bijgevolg zullen overdrijvingen elkaar cyclisch blijven opvolgen.

De auteur verklaart het ontstaan en de levenscyclus van crowds  zowel vanuit de sociologie als de individuele psychologie van de mens en documenteert dit met heel wat bronnen en citaten. Waardevol is zijn beschrijving van de verschillen tussen groepen van mensen als intelligent organismen enerzijds en anderzijds als de materialisatie van een gedachteloze en gevaarlijke trein van emoties waarbij de eigen mening wordt opzij gezet voor die van de groep.

De ‘wisdom of crowds’ of ‘collective intelligence’(†) staat voor het idee dat een grote groep gemiddelde mensen minder foute inschattingen zal maken dan een team van slechts enkele experts. Hun fouten middelen immers uit. Nodige voorwaarden hiertoe zijn dat alle leden van de groep handelen naar een eigen en onafhankelijk bekomen mening. En daar gaat het bij ‘investment crowds’ vaak verkeerd. Bij een ‘investment crowd’ gaat een bepaald idee rond een thema zich verspreiden als een virus. Hierbij zal de prijsstijging die daarvan het gevolg is als bevestiging worden aanzien voor de overtuiging van de groep en zullen steeds meer mensen hun bekomen mening opzij schuiven voor deze van de groep waarbij ze zich aansluiten. Eenmaal voorbij een bepaald ‘tipping point’ neemt de groep en de overtuiging dermate proporties aan dat deze niet meer te stoppen lijkt in z’n exponentiële groei. Een spanning dringt zich op die uiteindelijk moet leiden tot een implosie of desintegratie van de groep. Dit gebeurt meestal met een schok.

Het boek gaat veel verder en bespreekt ook strategieën voor een contraire aanpak bij beleggen. Persoonlijk ga ik niet helemaal akkoord met de stellingen van de auteur die volgens mij voorbij gaat aan het feit dat volgens mij ook het succes van systematische maar tijdelijke voordelen/handelssystemen, cyclisch is. Als een bepaald handelssysteem veel aanhang vindt zal het voordeel ervan afnemen. Tot het zo is geslonken dat het systeem als dood wordt beschouwd en niet langer lijkt te werken. Dit is, volgens mij, de voedingsbodem voor het aanbreken van een nieuwe periode waarin het systeem zal kunnen werken. Stof tot nadenken verzekerd in elk geval voor de lezers van dit boek.

(*) Kort samengevat stelt dit principe dat elke systematische te detecteren opportuniteit onmogelijk kan blijven bestaan en dus automatische detectie inherent zinloos maakt.

(†) Deze term, afkomstig uit de informatica, dekt beter de lading.